Tag: thailand

The accidental escort experience

The accidental escort experience

Onderstaande heb ik geschreven eind maart 2015 en in november 2015… nu ik deze site opnieuw ga gebruiken wil ik toch graag het einde van de reis in Zuid Oost Azië met jullie delen. Het is nogal een verhaal…


Het woord is gevonden: een eervolle vermelding voor Sibe en de credits gaan naar Marielle en Joost.

Een busje kwam mij ophalen uit Krabi, om naar Ko Lanta te rijden. Dit keer waren ze 20 minuten te vroeg, maar gelukkig had ik al een ontbijt achter de kiezen en was ik klaar om te gaan. Het mooie aan deze minibus dienst was dat ze je afzetten bij de plek waar je wilde op het eiland. En ook anders afzetten, want waar wij buitenlanders 300 bath betaalden, hoefden de locals slechts 90 bath af te tikken. Na enige research had ik besloten om naar Klong Nin beach te gaan, waar je direct aan het strand hutjes had en het goed te betalen was. De eerste strandhut waar ik echter binnenstapte was dat niet en ik werd verder verwezen. Op de hoek woonde en Fransman met zijn Thaise vrouw, en zij hadden wel goedkope kamers , helaas niet die avond. Zij verwezen me weer door naar hun achterbuurvrouw genaamd Mama. Toen ik haar zag wist ik precies waarom. Een brede lach omlijst met enkele haren, een paars huispak om haar omvangrijke lichaam heen en een haarband met oortjes. Ze vertelde me dat zij alleen nog maar een grote kamer had voor die avond, en halveerde ter plekke de prijs toen ik vertelde dat ik weinig geld te besteden had. De nachten erna had ze nog wel een bamboe hutje voor me, een klein geval op palen met een matrasje erin. Ook nodigde ze me uit om met haar mee te gaan morgen met een tour. Ik zei ja op alles.

De tour was wederom een four islands tour (vier andere islands), maar ditmaal met een lokaal gecharterde boot en haarzelf en wat vriendinnen en een andere gast. Ik was blij dat ik niet alleen met de Thaise dames zat, maar ik bleek vrij weinig te hebben aan de Finse jongen. Hij was een professioneel danser en ik hoop dat hij zich daarmee erg goed kan uitdrukken, want verbaal was hij een saaie drol. Hoe anders waren de vriendinnen. Ze kletsten de oren van de kop, maakten constant grapjes en legden veel uit over de omgeving. Onze eerste stop was een snorkelplek, met prachtige vissen bij een stijle klif. Daarna sloten we aan in de rij om een geheime grot in te zwemmen, een riviertje te volgens en uit te komen bij een door rotswanden ingesloten lagune. Vroeger een piratenhol, nu een prachtige plek vol natuur. De derde stop was op het eiland Ko Ngai, waar veel resorts zitten, en met een goede reden. Deze atol heeft een parelwit strand, wat zich erg oppervlakkig uitstrekt en eindigd in een steile klif vol koraal. Ik heb daar een uurtje alleen rondgedobberd en zeeegels, clownsvissen, zebravissen en baracudas gezien. En nog veel meer soorten zeebewoners waarvan ik geen flauw idee heb hoe ze heten. Aangezien de Thai liever niet verkleuren had ik het voorste zonnedekje voor mij alleen.  Lang uitgestrekt ben ik deze middag verkleurd tot een kreeft. Het soort rood  wat langzaam bijkleurt tot bruin maar ik kon me de volgende twee dagen niet in de zon wagen.

Dat maakte de dag erna daarom ook best wel saai. Met lange mouwen aan heb ik per scooter het eiland verkend en daarna heb ik me aangesloten bij een gratis yogaklasje bij zonsdondergang op het strand. Een Zuid-Afrikaan met een perfect lichaam en een tikkeltje idiote geest gaf ons les. Hij leerde ons onszelf elke dag te knuffelen en te vertellen dat we van onszelf houden, hij leerde ons onszelf een schouderklopje te geven en zwamde nog wat over chakra’s en aura’s. Zijn boodschap was mooi, maar ik kon het niet laten af en toe even weg te dromen bij de zon die langzaam de zee in zakte. Bij een perfect zonnegroet verdween hij en maakte plaats voor een rits aan groene lichten. Iemand dacht dat het een tsunamiwaarschuwingssysteem was, maar nee het bleken inkvisvissersboten (mooie woorden voor galgje).

Na het zonneparadijs werd ik wederom per minubus opgehaald om naar Trang te gaan. Hier vertrok mijn vlucht de voglende dag richting Bangkok. Helaas zette de chauffeur ons af bij het busstation, ver buiten de stad. Een lokale bus verder kwam ik aan in de enige straat waar een paar verdwaalde toeristen rondliepen. Trang krijgt er meestal niet zoveel en dat was te zien ook. Of eigenlijk beter gezegd, ik werd erg gezien en aangestaard. In mjin hostel zal ook een Griek en hij vroeg me waar ik vandaan kwam. Ik antwoordde met een wedervraag; Waar denk jij dat ik vandaag kom? Hij wees naar de twee vlechten die ik toevallig inhad en vergelijk ze met de meisjes op de melkpakken die ze in Griekenland hebben en zei; Nederland. Misschien heeft hij me horen praten… en anders lijk ik dus op een Nederlands melkmeisje…

Die avond begaf ik me op de locale avondmarkt, een verzameling kraampjes met tweedehandskleding. Toen ik net zat voor een laagje nagellak met glitters kwam er een vrouw naast me zitten. Ze begon een verhaal over haar beroep als lerares en dat ze morgen buitenlandse leraren tekort kwam. Ik antwoordde dat ik haar graag had geholpen maar dat mijn vlucht om 11 uur ‘s ochtends ging. Dat was niet erg, want het ging om het eerste uur, tussen 8 en 9. Als ik haar de volgende ochtend om half acht trof zou ze me ontbijt geven, meenemen naar de school en na een uurtje terugbrengen. Ik snapte niet goed waarom, en hoe en wat maar stemde in. Alles voor het avontuur. De volgende ochtend zat ze inderdaad op me te wachten met een Oostenrijks meisje. Op school aangekomen bleek dat ik er vooral voor de show was. Het schoolhoofd kwam namelijk kijken, en de andere leraren zouden pas in de loop van de ochtend arriveren. Ze had dus een blonde kop nodig om haar te overtuigen van de kwaliteit van haar lessen. Desondanks werden we wel degelijk aan het werk gezet. Het eerste uur was zingen en dansen, en we werden voor de groep giechelende twaalfjarigen gezet om het voor te doen en zingen. We werden vooral hard uitgelachen toen we een Thaise dans (iets met je handen en vingers) probeerden, maar het was erg leuk om te doen.

Ik wil ook nog graag even mijn verwondering met jullie delen over de Thaise schrijfwijze. Omdat zij hun eigen alfabet hebben gaat het natuurlijk wel eens mis met vertalen. Ik vind het dan wel knap dat er op dezelfde menukaart een Lemun Tea, Leman Ice Tea en Lamon Red Tee staat. Nog frappanter zijn de schrijffouten; Fried Fuck, French Fried en Ko Pee Pee. (Spreek die laatste maar eens hardop uit in het Engels). Ook hebben ze de neighing om de laatste letter te vergeten, deze spreken ze immers ook vaak niet uit. Zo is er dan een officiele Por of Ko Lanta en kwam ik vandaag een bloemist tegen die zichzelf Floris noemde.

Daarnaast hebben de Thai echt hele rare gewoontes, waar ik nog steeds niet aan gewend ben. Zo smakken ze, eten ze met hun mond open en slurpen ze er op los. Dat is beleefd, maar ik kan mijn walging nog steeds niet onderdrukken. Ook doen ze niet aan wcpapier, maar gebruiken ze een soort douche. De enkele keer dat je je wc-papier vergeet krijg je dus natte billen. Wat zij daar vervolgens aan doen is met nog niet duidelijk. Ook mag je je papier niet in de pot gooien, iets wat ook meer een reflex is dan je misschien nu vermoedt. Nog vervelender is het wanneer er helemaal geen wc-pot is en je het moet doen met een sqatgat. Gehurkt weet ik nooit waar ik mijn broek moet laten, hoe ik mijn balans moet houden en hoe je in vredesnaam zorgt dat je niet alles over je voeten spettert… Nog zo iets is haar. Op het lichaam van vrouwen dan te verstaan. Ik heb mijn moeder nog steeds niet vergeven dat ze me ooit vertelde als beginnende puber dat wat okselhaar niet erg was, sorry mam dat is het wel. Hier lopen ze er vrolijk mee rond, evenals baard en snorharen en een paar lange verdwaalde haren op hun anders zo gladde benen. Alhoewel je als backpacker echt niet altijd met gladde benen hoeft rond te lopen, is een scheermesje toch echt wel een must. En verder spugen ze ook op straat, met veel geluid en geweld. Ik kan nog wel even doorgaan… er is hier zoveel normaal waar wij misselijk van worden…

Na Trang vloog ik op Bangkok. Het was wederom een hel om een betaalbaar hostel te vinden, en na ruim anderhalf uur met een zware backpack rond te hebben gelopen kon ik neerploffen in een gedeelde kamer voor een tientje per nacht. Mijn kamergenoten waren twee meisjes uit New Zealand en Mongolie.

Ik besloot mijn laatste dagen te slijten met veel shoppen, vertoeven in de luxueuze shopping malls en bioscopen. Zo heb ik onder andere de film Cinderella gezien (niet aan te raden) en heb ik de illustere MBK-mall uitgespeeld. En sushi geten. En een avondjurk gekocht.

Mijn laatste avond wist ik niet goed wat te doen maar mijn roommate Kate (uit Mongolie) stelde voor om de stad in te gaan en wat te eten en een drankje te doen. Aangezien mijn uitgaansleven nogal braaf was geweest en ik geen beter plan had besloot ik in te stemmen. Kate had nog wel wat vrienden waarmee we konden afspreken en belde hen op om de locatie te bepalen. We doften ons op en ik trok mijn nieuwe rode avondjurk aan want what the hell. Nadat we in de taxi klommen en wij richting Arab street reden belden ze nogmaals om in de McDonalds af te spreken. Kate was ineens vrij pissig en had geen zin meer om af te spreken. Of eigenlijk wilde ze niet komen opdagen.

Terwijl wij op straat ronddwaalden staarde een oude man naar mij. Kate liep op hem af en zei “Help us please”. Ze legde uit dat wij zouden afspreken met wat vrienden en dat ze naar de Mac wilden en dat wij dat niet wilden. De man vroeg ons wat we wilden; eten en wat drinken. Hij wist wel een restaurant en nam ons mee naar een plek verderop in de straat. Ik sputterde nog wat tegen over het feit dat ik bijna geen geld meer had maar Kate vertelde me dat hij ging betalen. Dat was het moment waarop ik begon te snappen hoe dingen werkte in Bankgok.

Ik besloot er in mee te gaan. Omdat ik geen beter alternatief had en honger had en hij ons een goed restaurant aanbood. Omdat ik nieuwsgierig was naar zowel deze man als mijn roommate, als een soort undercover reporter. Wie gaat er nou vragen om en betalen voor het eten van twee random meisjes?

We kwamen bij een Indier waar de oude man zichzelf beter voorstelde. Hij was Ali, jaar of 60, hoge pief uit Dubai, met een CEO titel op zakenreis. Hij was getrouwd, maar was wel in voor een girlfriend. Hij begon steeds dichterbij te zitten en het was vrij obvious dat hij met een girlfriend op mij doelde. Kate wist dit en moedigde hem alleen maar aan met “take a picture of you two?”. Ik probeerde vooral het gevoel dat ik compleet verkeerd bezig was weg te drukken, evenals voorzichtig (maar toch vrij opzichtig) de handen van die man van mijn stoelleuning te duwen. We kregen alles wat ons hartje begeerde behalve alcohol. Hij was immers wel moslim.

Dit klopte echt van geen kanten. Ik ben niet het meisje dat zichzelf verkoopt, al is het maar een onschuldig gezelschap in ruil voor wat eten. De neiging om weg te lopen was sterk, maar de neiging om te blijven nog sterker. Wat zou deze vent eigenlijk voor ons over hebben? Wat wil hij van ons en hoe wil hij dat in godsnaam voor elkaar krijgen? Hij was 60, niet erg groot en ik wist zeker dat ik hem lachend omver kon duwen. En waarom wist Kate zo goed hoe dit werkte en leek zij het doodnormaal te vinden? Het leek me tijd om Thijs te vertellen waar ik mee bezig was. Hij antwoorde alleen “pas goed op jezelf” en ik wist allang dat ik dat zou doen.

Hij nam ons mee naar een club een stukje verderop waar hij een bizar hoge entreeprijs voor ons drieen betaalde. Daar kregen we toch wel cocktails, popcorn en zaten we een beetje awkward aan een statafeltje. Kate werd steeds brutaler en haalde shotjes en cocktails zonder ook maar te knipperen. Ali schoof weer eens dichterbij en legde zijn hand op mijn bovenbeen. Gelukkig had in een jurk aan op vloerlengte die, al was de stof dun, een barriere vormde tussen mijn huid en zijn harige goudgeringde hand. Ik schoof weer een stukje op, of stond op om naar de wc te gaan of verzon een ander excuus om telkens een stukje op te schuiven. Je zou kunnen zeggen dat mijn lichaamstaal hem overduidelijk maakte dat ik nee zei. Dat het niet ging gebeuren en dat ik braaf naast hem wilde zitten maar dat daar mijn grens lag.

Mannen zijn niet goed in hints oppikken, maar nog beter zijn ze in ze negeren. Alsof zijn geld de macht had om mij te laten zwichten. Alsof als hij het maar vaak genoeg probeerde ik wel zou instemmen. Wellicht dat de weerstand van een ander meisje nu zou breken, en ze de afschuw van zich zou zetten. Maar ik voelde vooral mijn eigen macht, de macht om het spel te spelen en te winnen, ik ging niet opgeven. Ik stond op en liep naar buiten om naar huis te gaan. Kate probeerde me over te halen om te blijven en Ali probeerde mij over te halen mee te gaan naar zijn hotel. Naar de lobby voor een drankje. Ik kon de rillingen niet langer onderdrukken, ik kon niet langer spelen dat ik dit normaal vond en ik ging niet mee. Ik ging alleen naar huis met een hele hoop vragen in mijn hoofd.

De volgende ochtend om 10 uur ‘s ochtends kwam Kate binnen en plofte in haar bed. Ik besloot haar aan een vragenvuur te onderwerpen, ik moest er achterkomen waarom zij dit kon. Ze bleek al drie jaar illegaal in Thailand te zijn. Ze betaalde de huur van het hostel door geld wat mannen haar gaven. Zij zei dat er geen seks aan te pas kwam, maar ik geloof haar niet. Ze was de afgelopen avond nog meegegaan met een taxichauffeur naar huis en had meer dan 50 euro gekregen van hem, zogenaamd om naar huis te kunnen komen. Voor 50 euro kom je een heel eind in Bangkok, waarschijnlijk zelfs naar Mongolie.

Ook bleek ze twee kinderen te hebben, gekregen in haar tienerjaren, die haar moeder thuis opvoedde. Ze had ze al ruim een jaar niet meer gezien. Ze kon niet naar ze toe, elke poging om nu het land te verlaten zou resulteren in een opsluiting door in immigratiedienst. Ik kon me wel voorstellen dat ze geen zin had om in een Thaise gevangenis te verdwijnen. Verder had ze actrice, comediene en zangeres op haar naam staan. Dat laatste vrij succesvol want ze was in haar tienerjaren een popster in eigen land. Ik stel een soort Robin Glitter voor me (How I met your mother), met een repertoire waar ze liever niet aan herinnert wordt en een levenstijl waar ze nog steeds aan probeert te hangen. Ook bleek ze een paar jaar in Singapore bij een vriend te hebben gewoond, idem in Bangkok en leefde ze van rijke sugerdaddy naar rijke sugardaddy.

Het kwam haar waarschijnlijk goed uit dat ze gisteravond zelf niets hoefde te doen en wel op dr wenken bediend werd. Dat zij het idee had dat ze mij kon gebruiken, en het idee had dat hij mij kon gebruiken. Maar eigenlijk gebruikte ik hen allemaal; voor een enorm goed verhaal. Ik het het gedoopt “hoe ik ongemerkt bijna een escort werd” en het doet het goed. Het heeft me ook wederom laten zien dat ik blij ben om naar Nederland te gaan.

En ik ben weer thuis en ik weet niet of zij dat ooit echt kan zeggen.

A game of foot

A game of foot

Bedankt voor alle reacties, ik voel me vereerd om zo’n trouw publiek te hebben. Speciaal voor jullie nog twee verhalen. Een nu en de laatste binnenkort. Ik heb er weer -en nu echt- een woord in verstopt. Wie hem als eerste vindt wint een vermelding in mijn volgende verhaal.

Terug van mijn motoravontuur was het tijd om opnieuw te plannen. Mijn vlucht naar Krabi vertrok 2 dagen later en dus had ik opnieuw zeeen van tijd in Chiang Mai. Ik verbleef in hetzelfde hostel, hetzelfde bed, maar deelde dit keer de kamer met drie Nederlandse tienerchicks. Toen ze mij vroegen wat mijn plannen waren antwoorde ik dat ik die avond met wat Duitse jongens had afgesproken. Immers, ik had mijn reputatie goed te maken vond ik. Stom antwoord, want toen vertrokken ze natuurlijk zonder mij mee te vragen eten. Gelukkig kon ik dat ook best alleen. Ik bestelde een Panang curry, (een rode curry met pinda’s erdoor om hem milder te maken) niet spicy versie. Dat lukte natuurlijk niet, en ik eindigde met een bord vol pepers. Was wel lekker. Die drie happen dan.

Na het eten ben ik wat gaan drinken met mijn Duitse redders. Ik had wat goed te maken, na mijn misselijke vertoning vorige keer en had hen uitgenodigd voor een biertje. Het bleken ook engineers te zijn en ik kon met hen praten over geheime radioactieve projecten en toekomstplannen. Helaas zaten er ook een aantal muggen aan tafel. Of misschien eentje, maar die heeft me dan (exact) 30 keer gestoken. Bij de hostelpoort kwam ik twee van de drie Nederlandse meisjes tegen. Volgens henzelf waren ze aangeschoten, maar ze konden geen zin meer volledig uitspreken zonder in de war te raken. Dat was waarschijnlijk ook de hoofdreden dat ze zo in de war waren. Ze hadden namelijk de pot, met veel geld want ze wilden hard zuipen, aan nummer drie gegeven en die was hem en zichzelf kwijt geraakt. Het was een nachtelijk dillema tussen het meisje gaan zoeken en haar laten zitten en opnieuw zelf gaan partyen, en dit wilden ze graag met mij delen. Ik werd zelfs meegesleept naar de kroeg, wat ik eigenlijk niet echt wilde weigeren omdat ik niet liever niet meer alleen liet gaan. Ondertussen drukten ze me op het hart dat ze echt uit een goede buurt kwamen uit Den Haag en dat ze volgend jaar ook in Utrecht gingen studeren. Maar dat ze nu echt moesten gaan en dat nummer drie inmiddels waarschijnlijk ergens bij iemand in bed lag. Want de nacht ervoor had ze ook met iemand een hotelkamer genomen. Ik kreeg alle dronken-tiener-intriges over mee heen en dacht met weemoed, nee eigenlijk meer schaamte, terug aan mijn eigen tienerjaren. Eind goed al goed, meisje terug, geld terug en ook zij schaamden zich de dag erna. Klinkt best bekend dit verhaal…

De straat waar de meisjes heen waren gegaan was ik ook een aantal keer doorheen gelopen. Er lagen diverse kroegen aan met voor de deur schaarsgeklede dames/ ladyboys. Het niet aantrekkelijke en ordinaire type wat naar je roept als je langsloopt of volgeplamuurd op haar smartphone zit te tikken met haar nepnagels. En biertjes voor absurde, maar voor westerlingen nog steeds betaalbare, prijzen. En buckets. Vaak zit er dan een grijze man aan de bar met een paar meisjes om hem heen, en dat is dan bij daglicht. Ik weet niet zo goed waarom iemand zich daar ‘s nachts zou durven te wagen, maar blijkbaar was het toch happening. Verder in de straat zat ook een vechtarena voor Muay Thai boxen en mijn tweede tailor. Ik ben een beetje verliefd geworden op een mooie linnen stof en heb nog een pak laten maken. Dit keer heb ik iets minder geluisterd naar de tailor en mijn eigen design laten maken. Dat hij het daar af en toe niet mee eens wat liet hij dan merken. Bijvoorbeeld een skinny model broek tot op de enkels, tegenwoordig heel hip, zag hij niet zo zitten. En dat lag aan mijn feet. Eigenlijk bedoelde hij mijn legs. En dat ze daar te dik voor waren. Vond ik niet. Deze omvangsdiscriminatie hebben de Thai sowieso wel een handje van. Zo mocht ik in een winkel een jurk niet passen omdat ze bang was dat ik hem kapot zou maken. Nou zijn de Thai natuurlijk best klein en ik uh, niet, maar ik kan best inschatten of ik iets ga passen, niet ga passen, of eruit zal scheuren. Helaas kon ik haar niet ongelijk bewijzen…

Zo heb ik mijzelf in Chiang Mai vermaakt met vaak passen, rondslenteren door de stad en nogmaals een kort bezoekje aan een zwembad. Nadat ik last minute nog de excessieve schoudervulling, vinden de Thai mooi, heb laten verwijderen uit mijn jasje stapte ik het vliegtuig in. Helaas had ik ditmaal geen vriendelijke japanner naast me maar een Nieuw-Zeelander. Beetje vreemde vogel. Bij het landen zijn we nog dezelfde bus ingestapt maar helaas had hij een andere bestemming en werd ik in mijn eentje rond 8 uur uit de bus gezet in hartje Krabi Town. Mijn bagage had zich inmiddels ook op wonderbaarlijke wijze verdubbeld tot een 17 kilo, en die droeg ik rond op zoek naar een hostel. In Krabi Town koelt het ‘s avonds af tot 30 graden en liggen de wegen op heuvels. Bovendien zat alles vol. Na een rondje van een uur kwam ik eindelijk iets tegen wat nog een plekje voor me had. Een eenpersoonskamer, of noem het een eenpersoonsbed jaguar, want dat was alles wat het was. Een deur, een bed en een ventillator. Gelukkig betaalde ik dan ook niks en kon ik wel ongegeneerd al mijn spullen op de grond gooien.
Ik had van te voren al gelezen dat een four island tour the thing to do is in Krabi. Je stapt dan op een longtail boot met zo’n 20 anderen en vaart naar vier eilanden om te gaan snorkelen en zwemmen. Het was geweldig. Stranden die ze zo uit de brochures hadden geknipt, vissen om je heen zwemmen als bij centre parcs en dit alles deelde je maar met 1000 anderen tegelijk. Desondanks was het echt prachtig, een tropisch vakantiegevoel overkwam me, en dit deelde ik met twee meisjes die net als ik net waren aangekomen in Zuid Thailand. Een Canadese forestfighter en een Zuid-Koreaanse die vanaf Iran kwam gereisd. Beiden heel stoer dus, al bleek de Koreaanse niet te kunnen zwemmen. En dat was best onhandig toen we naar een ander eiland waren gewaad en het tij opkwam. Met de tassen boven het hoofd hebben we het toch overleefd. En we hebben haar geprobeerd te leren zwemmen, wat er nogal aandoenlijk uitzag en niet heel goed lukte.

‘s Avonds sprak ik met hen af en zo kwam het dat we bier gingen drinken in een hostel rooftopbar. Daar troffen we een paar anderen die reuzejenga aan het spelen waren. We besloten het over te nemen en twee Nederlandse jongens sloten zich aan. Na een half uur vroegen ze mij waar ik vandaan kwam en ze waren nogal verbaasd toen dat Nederland bleek te zijn. Zelfs een steenworp afstand van hun dorp Halle. Blijkbaar is mijn Engels toch nog best goed, of misschien was het het bier wat het beter liet klinken… Al snel werd gewoon Jenga saai en gingen we over op een moeilijkere variant, het illustere foot-jenga. Regels, je mag de stenen er alleen met de voeten uithalen. Met een toren van een meter, die langzaam groeide, was dat best een uitdaging. Monkeyfeet werden al snel populair; een pose waarbij je op je rug ligt en de steen tussen je twee voeten klemt. Dit was echter niet weggelegd voor onze nieuwe medespelers; een paar dikke dronken britten, die erg veel moeite hadden om uberhaupt hun been op deze hoogte te krijgen. Al snel hadden we de heel rooftopbar om ons heen verzameld en we zijn op ons hoogtepunt gestopt, de stapel die op de britse neerstortte.

De dag erna huurden de Canadese en ik een scooter om de buurt te verkennen. Onze eerste bestemming was een Tiger Cave/tempel. Overigens zonder tiger. En de tempel was nog in aanbouw. We konden zelfs een amulet kopen en geld doneren voor de opbouw. Omdat dit slechts 3 euro kostte en ik wel zo’n amulet (met daarop een wisdom buddha voor Floris) wilde hebben deden we dit. Ik was dan ook erg teleurgesteld toen ik mijn zelfgemaakte buddhaamulet vervolgens moest offeren en hem zag verdwijnen in de muur van de tempel. Naast een offerritueel, wat vakkundig werd vastgelegd door een Thai met mijn camera, had de tempel nog twee hoogtepunten te bieden. Allereerst waren er aapjes. Brutale apen dit je eten stalen, maar daardoor het ook uit je hand kwamen eten als je het aanbood. Een monnik gaf ons wat fruit en we hebben we wat ‘feed the monkey’ shots kunnen maken. Staat weer goed op Facebook. Daarnaast was er een tempel boven op de berg. Je kon er komen door 1236 traptredes te beklimmen. Ik wil jullie er nogmaals aan herrinneren dat het ruim 37 graden was. De toch was best slopen, maar het uitzicht vervolgens prachtig. Jammer dat het het droge seizoen was en er veel stof in de lucht hing, maar je kon tot de zee uitkijken en over de kliffen die Krabi rijk was. Een klim die het waard was, en bovendien mijn enige sportieve activiteit in weken.

Vanaf Krabi heb ik de boot gepakt naar Ko Lanta, langzaam richting mijn vlucht vanuit Trang naar Bangkok, waar ik inmiddels ben. Daar in mijn laatste verhaal meer over. Ik ga morgen naar huis vliegen. Het is mooi geweest, op twee manieren. Het is echt een mooie ervaring geweest en het is ook tijd om naar huis te gaan. Al kan ik niet zeggen dat ik echt heimwee heb, het lijkt me heerlijk om weer in de koele frisse lucht rond te fietsen, brood met kaas te eten en een plek te hebben waar ik niet elke dag mijn tas hoef in en uit te pakken. Al zal dat laatste nog wel even duren, want tot we op 1 april ons eigen appartement kunnen betreden ga ik nog even bij Thijs logeren. Ik zie er naar uit om naar huis gaan. Tot snel.
Liefs

I’m cool

I’m cool

Goedemorgen trouwe lezer(s). Allereerst ben ik benieuwd wie het verhaal nog volgt, gezien de reacties alleen mijn vader. Helemaal niet erg, dat is altijd al mijn grootste fan geweest geloof ik. Bovendien schrijf ik de verhalen vooral ook voor mezelf, om eens goed stil te staan bij wat ik meemaak, en dit thuis weer aan de foto’s te kunnen koppelen, en voor al mijn kinderen en kleinkinderen later. (Wanneer Thailand is veranderd in een soort Amerika en ze niet kunnen voorstellen dat ze ooit Thais praatten en Thais aten, dan heb ik de verhalen nog.) Voor wie nog steeds dapper doorleest; ik vind het zeker leuk om jullie reacties te lezen, onder het verhaaltje, via Facebook of whatsapp dus schroom niet je (flauwe) opmerkingen achter te laten. In Delft verstopten we altijd een willekeurig woord in de notulen om te checken of iedereen ze gelezen had. Wie ‘m weet te vinden krijgt dus bonuspunten 😉

Afgelopen week was een groot avontuur. Het heeft me even gekost om de stap te durven zetten om echt mijn eigen plan te trekken, maar dat was absoluut het waard. Ik heb, alleen, een scooter gehuurd en ben rond gaan rijden door noord Thailand. Alhoewel een scooter, 125cc en 100km/hr mag je dit in Nederland geen scooter noemen. In Thailand mag echter alles, dus kon ik zonder motorrijbewijs vrolijk wegrijden. Ik heb eerder dagenlang op deze dingen gereden in Portugal, Griekenland en India en beschouw mezelf niet meer als een beginner, maar heel veel ervaring had ik ook niet. Voor het eerste stuk heb ik daarom Laura gevraagd achterop mee te rijden. Voor mij iets meer veiligheid om iemand bij me te hebben en voor haar een goedkoper en mooier ritje vergeleken bij de bus.

Samen gingen we op weg naar Pai, ongeveer 1300 bochten, bergen over, watervallen langs en 130km lang. Na vier kilometer werden we al aangehouden door de politie tijdens een wegcontrole. Ik had mijn geld al in de aanslag, maar na het laten zien van mijn Nederlandse rijbewijs mochten we gewoon doorrijden. De rit was prachtig, een afwisselend berglandschap, met uitzichten over droge valleien, weelderige bossen en rijstvelden. Het rijden ging ons beiden goed af, zitten iets minder. Met ondertussen een verfrissende duik in de waterval kwamen we na 6 uur aan het plaatsje Pai. Pai is een vreemd dorp. Ooit onaagetast, maar nu een soort hippiedorp vol cafetjes, restaurants en bamboehuttenhotels.

Onze drie andere vrienden zouden later arriveren per bus en hadden iets minder geluk. Misselijk, ijskoud en 5 uur in een krappe stoel zitten maakte de rit toch minder leuk. Ik reed op goed geluk naar het busstation en de timing was miraculeus, ze stapten net uit. We besloten een hostel te nemen met losse kamers, officieeel omdat een familiekamer lastig was als mensen eerder weggingen, maar eigenlijk vooral omdat Laura en Leo bij elkaar wilden slapen. Dat bleek ook toen niet Leo, maar ik alleen op een kamer eindigde. Maar ook weer niet lang. Op straat werden we aangesproken door een roodharige engelsman (denk prins Harry, maar dan (nog) lelijker) die we op de een of andere manier overal tegen kwamen. Martina en Soshi waren er van overtuigd dat hij ons stalkte maar ik wilde hem wel het voordeel van de twijfel geven. Hij vroeg of wij nog een plekje voor hem wisten en ik bood hem het andere bed aan in mijn kamer, dat scheelde weer geld. Hij verzekerde me dat mijn spullen veilig waren bij hem. Hij was niet zozeer een stalker maar bleek vooral onschuldig sociaal onhandig en I’m still alive.

En juist toen ik mijn eerste stuk goed had overleefd kwamen er minder leuke berichten binnen van thuis. Allereest las ik dat een oud-klasgenoot van de middelbare was omgekomen door een ongeluk, en verder was ook Lisette aangereden door een auto. Ook hier om me heen liepen overal mensen met verband rond hun schenen en enkels na valpartijen en botsingen. Vaak bleken ze dan toch een stomme inhaalactie te hebben gedaan, of waren ze dronken. Mogelijk ben ik een erg goede chauffeur, of heb ik een goed karma, maar mij is helemaal niets overkomen. Op een keer na dat ik stilstond om een foto te maken en mijn motor/scooter heel onhandig omviel en al mijn spullen in berm lagen.

In Pai kan je rondlopen over de enige straat, je vermaken bij een heuse circusschool of drinken. Of je kunt de stad uit. In al mijn tijd in het buitenland had ik nog geen trekking gedaan en Pai leek hiervoor de uitgelezen plek. Op mijn eerste avond sprak ik Pri Char (preacher mocht ik zeggen) die me vol enthousiasme vertelde over een tour die hij morgen ging lopen met vier andere touristen. We gingen lopen over paden waar nooit iemand kwam, midden in de jungle en naar het dorp van zijn familie. Hij was zo schattig oprecht dat ik geen nee kon zeggen en zo kwam het dat ik de volgende ochtend om 9;00 me melde voor twee dagen wandelen. Wie had dat ooit gedacht.

De andere touristen waren twee Britse meisjes van 18 en twee Franse jongens van 27. De eersten giegelden en praatten aan een stuk door, vooral over niks. De tweeden waren wat stiller, vooral omdat hun Engels niet heel goed was. Preachers broer voegde zich bij ons als gids en drager en het eerste uur lopen was afzien. Echt hard afzien; een steile helling op, zonder schaduw, in een hoog tempo, met ruim 35 graden. Ik had best willen omkeren. Gelukkig was preacher zelf ook compleet uitgeput en bezweet en vond hij het prima om om de vier meter een waterpauze te nemen. Bovenaan de berg werd alles beter, ik kreeg een bamboestick om mee te lopen (een soort Nordic walking, maar dan cooler, denk ik) en we gingen downhill. Het bos veranderde en we kwamen in een bamboewoud terecht. Hier gingen we lunch klaarmaken wat op wonderlijke wijze gebeurde. Er werden skewers gemaakt van bamboehout, vuur gemaakt van bamboehout en rijst gestoomd in bamboehout. Ohja en we kregen thee in uit een bamboeketel. Allemaal ter plekke gekapt en gesneden met een machete. Het eten was heerlijk, al vonden de vliegen dat ook. Na de lunch liepen we door naar het dorp van Preacher, een dorp van de Karen stam. We sliepen bij zijn moeder in het huis. Dat was een hut op palen, met een bamboematten vloer, met daarop enkele dekens als bedden. We vulden de avond rond een kampvuur met drankspelletjes (die stille fransen hadden toch een hoop verhalen) en kaarten met lokale whiskey. Het was volle maan, in Thailand bekend om zijn full moon parties, maar dit was denk ik de leukste party die ik ergens had kunnen vinden.

De dag erna hesen we ons weer in onze sportieve outfits en gingen vroeger op pad, om zo de hitte voor te zijn. De Thai brachten ons naar een waterval waar we konden zwemmen. Op het eerste gezicht erg iddylisch maar stikte daar van de insecten en de klitplanten. Je weet wel van die planten die zich vastklitten aan je ondergoed wat in het gras ligt en je daarna weer aan moet? Overal beestjes, en kriebel, zo veel zelfs dat ik bijna gillend wegrende toen ik eindelijk mijn kleren weer zo goed als schoon aan had gekregen. Ondertussen was er ook nog een demonstratie lepels snijden uit bamboe en kregen we een hoop zoete suikerige snacks gevoerd. De tocht bracht ons bij een tweede dorp vanwaar we werden opgehaald door een pickup en werden teruggereden naar Pai.

In Pai stelden de twee britse meisjes voor om samen een kamer te zoeken, dat was goedkoper en het was toch maar voor een avond. We vonden een hutje met twee bedden, waar zij een bed zouden delen en ik de ander zou bezetten. Na een goddelijke douche en schone kleren trokken we de stad in waar ik mijn oude vertrouwde viertal tegen het lijf liep. Ik sprak af om hen later op te zoeken voor een yogales en ging nog wat eten met de britten. Al snel bleken ze meer interesse te hebben in de jongens naast me en dus vertrok ik richting de yoga. Vlak na zonsondergang ontving ik een berichtje via Facebook van een van hen.

“Hi! Me and zil are at the room, we are going out tonight and want a sleep in tomorrow morning, and we know you want to leave early. We think it will be better if you stay somewhere else – you haven’t paid yet anyway so makes sense!”

I got dumped. Klinkt bekend dit, want het was het niet in een vraagvorm maar het werd voor mij besloten. Blijkbaar was hun uitslapen heilig en vonden ze het oke om mij op deze manier mee te delen. Helaas voor mij waren inmiddels alle dorms bezet en had ik nergens anders meer om heen te gaan, en met veel ruzie blijven had ik ook niet echt zin in. Ik besloot met Laura en Shoshi mijn spullen op te halen. Beiden waren eigenlijk veel pissiger dan ik was en boden aan dat ik bij hen in bed kon slapen. De twee Britse tieners waren zich van geen kwaad bewust, of logen iig heel goed tegen zichzelf, want ze waren aan het Skypen toen ik mijn tas kwam halen. Het argument dat er nergens anders een kamer meer was deed ze weinig, als ze het al hoorden want ze bleven stug doorskypen. De 20bath die ik nog tegoed had van het eten kreeg ik met veel moeite. Is 19 Bath ok? Het bleken er 14 te zijn. Eigenlijk had ik vooral veel medelijden met hen. Te oppervlakkig, verwend en naief om te merken dat hun eigen gedrag verrot narcistisch was. Ze bevestigden iig het stereotype (britse) tiener keihard. Ik hoop/geloof niet dat ik ooit zo geweest ben. Maar uiteindelijk sliep ik bijna gratis heerlijk tussen twee mooie duitse meisjes in in een knus hutje, dus ze hebben me een dienst bewezen 😉

Na Pai vertrok ik alleen verder. Onderweg kwam ik langs enkele watervallen en grotten en ik besloot er een te bezoeken. Het was een tombegrot, maar de entree was verlaten. Ik besloot met mijn tassen bij me de berg te beklimmen en de grot te bekijken. De relingen waren overgoten met rode mieren, dus de klim was niet zo makkelijk als hij leek. Bovenin gekomen bedacht ik met dat dit wel eens een domme beslissing had kunnen zijn, mocht er iets mis gaan. Zonder iemand die wist dat ik daar was, tussen een griezelige graftombe en mieren. Ik ben snel weer naar beneden geklommen waar een ander griezelig figuur op me stond te wachten. Een jongen van een jaar of twintig zonder tanden en met een duidelijke verstandelijke beperking wilde met me mee liften op de motor. Ik deed net alsof ik hem niet verstond en reed snel weg… Verder ben ik maar niet meer gestopt.

Voor het eerst heb ik dus daadwerkelijk alleen gereisd en die avond ook alleen gegeten en alleen geslapen. Heerlijk. Mae Hong Son was prachtig, met een zonsondergang in de bergen en een meertje in het midden. De markten waren veel vriendelijker en betaalbaarder en mijn tassen vulden zich als vanzelf.

De dag erna vertok ik richting Mae Cheam, een nietzeggend dorp met als enige attractie de hoogste berg van Thailand naast de deur. Het was een stuk rijden; wel 180km sligerend door de bergen. Het eerste stuk ging voorspoedig en voor lunchtijd was ik halverwege. Daarna werd het vooral heter, meer hetzelfde en voelde het zadel steeds harder. Het mooie roze rokje wat ik gisteren gekocht had bleek niet bestand tegen mijn zwetende lijf en gaf zijn kleur af tot in knalroze bovenbenen had. Het werd steeds heter en er waren weinig plekken om te stoppen. Flauw van de hitte en honger probeerde ik maar meters te maken om zo snel mogelijk op de plek van bestemming te zijn. Bijna bij het einde kwam ik drie duitse jongens tegen en besloot met hen mee te rijden. Echter na een half uurtje moest ik even stoppen en vonden we een houten hutje om te rusten. Hun kennismaking met mij was mij voeren met hun eten en mij ziek zwak en misselijk te horen klagen. Ik haakte daarna af voor het eerste beste hotel en ze reden door.

Ik geloof dat ik een zonnesteek had, koorts, verbrand en uitgedroogd. De rest van de dag bracht ik door in bed, tot ik tegen het avondeten een termometer wilde zoeken. Die hadden ze niet bij de apotheek, dus werd ik naar een docter gestuurd. Die waren er niet op zondagavond, dus het werd het ziekenhuis. Aangekomen bij het ziekenhuis bleek dit verlaten. Een beetje moedeloos, en nog steeds enorm oververhit klampte ik me vast aan een ambulancechauffeur en vroeg hem met behulp van Google Translate waar een dokter was. Ik moest instappen, nu werd het serieus. In de ambulance werd ik naar het nieuwe ziekenhuis gereden, twee kilometer verderop. Daar aangekomen maakt ik al foto’s van alle papieren die ik invulde voor de verzekering, terwijl een dokter mijn keel, bloeddruk en temperatuur in de oksel mat. Het bleek allemaal wel mee te vallen en met een ORS en paracetamol werd met verteld dat het waarschijnlijk Common Cold was…. Ik denk nog steeds zonnesteek, want verkouden was ik niet, maar het hielp. Ik werd teruggebracht met de ambulance en ik was klaar om flink te betalen. De rekening was 70bath, een luttele 2 euro….  Ik geloof dat de receptioniste van onze dokter al meer rekent voor de telefoon opnemen. Na een nachtje slapen was ik weer veel beter en ben ik, via de mooie hoge berg, snel teruggereden naar veilig Chiang Mai.

Hier heb ik nog weer twee nachten geslapen en nu wacht ik op mijn vlucht richting Krabi. Ik ga de (nog fellere) zon opzoeken aan het strand. Mijn laatste dagen zullen vooral relaxt worden, mezelf mentaal voorbereiden op de het werkende leven (grapje, heel veel zin in!) en veel souvenirs inslaan. En dan kom ik alweer terug! Het idee om jullie weer terug te zien wordt steeds tastbaarder. Mijn laatste week India kreeg ik best wel heimwee, hopelijk nu niet.

Liefs

A slow slow slow boat

A slow slow slow boat

Na mijn laatste post over Laos ben ik inmiddels heel veel kilometers verder. Per boot, bus en motor heb ik Noord-Thailand doorgereisd. Alles van voor de motorrit staat hier beschreven, iets minder diepzinnig en spannend ditmaal, maarja het leven van een reiziger kan nou eenmaal niet altijd spannend zijn.

Vanuit Luang Prabeng zijn er een aantal opties om naar Thailand te gaan. Je kan 16 uur in de bus gaan zitten, of het vliegtuig nemen of je kan de slow boat nemen. Dit is een gevaarte van ongeveer 50m lang met vier autostoelen naast elkaar en een bonkende motor achterin. Zoals altijd stonden er weer heel horrorverhalen (een lijk op de boot, bagage overboord…) op het internet over de afzetpraktijken, levensgevaarlijke capriolen en overvolle boten. Ze hebben de pier (waarschijnlijk om meer tuctuc inkomen te genereren) recentelijk verplaatst naar een afgelegen plek buiten de stad. Ik en Leo (de argentijn) waren van plan om op de boot zelf te betalen, aangezien dit goedkoper was dan een tour te boeken. Het bleek allezins mee te vallen. We hadden ieder een dubbele zit voor ons alleen, de boot was prima en de betaling verliep zonder gesteggel. We kochten onszelf in voor 110kip (8$) voor een reisje van Luang Prabang naar Pakbeng. Ik had me heel goed voorbereid op de 8 uur durende boot stroomopwaards over de Mekong, door al mijn electronica op te laden en genoeg films te downloaden. Beetje jammer dat ik mijn oortjes was vergeten. Het landschap was prachtig, met her en der een inheems dorp, en vissertje of een naakt zwemmend kindje. Toch, acht uur uit het raam staren duurt best wel heel lang.

En toen waren we pas halverwege. Het slaapstadje Pakbeng is niks anders dan een tussenhaven voor de twee boten in beide richtingen. Het is rennen voor een goed guesthouse en dan heel lang wachten op je eten. Leo, die om onduidelijke reden weinig had gegeten en bloedchagerijnig was, was mijn enige gezelschap. Ik probeerde wat vragen te stellen, maar er kwam maar mager antwoord. Gelukkig had een winkeltje oortjes, welliswaar knalblauw, maar ik kon mezelf weer vermaken. Dat is maar goed ook, want de volgende dag moesten we weer 8 uur verder varen en had ik de afwisseling tussen snel water, langzaam water en snel-langzaam water wel gehad.

De laatste nacht in Laos brachten we door in een vreemd chinees hotel aan de Thaise grens, waar wederom niks te doen was. Bij het avondeten zagen we drie meisjes van de boot langslopen en ik vroeg hen erbij te komen zitten, zodat ik mijn reisgezelschap weer kon uitbreiden en de mogelijkheid tot een leuk gesprek vergrootte. Het bleken drie gap-year meisjes uit Zuid-Duitsland te zijn; Martina, Shoshana en Laura, een gezelschap van 2 vriendinnen en 1 die zij ook op de boot hadden leren kennen. Na wat kaartje en de laatste Lao biertjes (erg lekker) besloten we de volgende ochtend met zijn vijven de grens over te steken en naar Chiang Mai te vertrekken.

Ik kan nog een ding toevoegen over Laos; ik heb nog nooit zulke eerlijke mensen meegemaakt. Wellicht heb ik de andere volkeren ook minder op de proef gesteld; maar de Lao zijn met vlag en wimpel geslaagd. Ik heb eenmaal mijn tas, inclusief ongeveer 300$ en mijn paspoort een nacht buiten laten liggen en ben eenmaal mijn pinpas vergeten bij een automaat. In het eerste geval heeft de receptionist mijn leven gered, hij heeft alles meegenomen naar binnen en de volledige inhoud weer teruggegeven de volgende ochtend. In het tweede geval kwam een meneer mij achterna rennen. Wat een fijne mensen. En ik zal beter op mijn spullen letten…

En toen waren we weer terug in Thailand. Na een busrit van 4 uur en nog eens 4 uur kwamen we aan in Chiang Mai. Zogezegd de leukste ‘grote’ stad in het noorden. Het heeft een oud ommuurd centrum, vol hippies, hostels en cafetjes, waardoor je eigenlijk niks merkt van de stadsheid daarbuiten. Rond avondeten zaten helaas de meeste hostels al vol, of hadden geen plek meer voor vijf man. Hostel number nice nog wel. Het was een nogal vreemde plek, waar je door het hele huis, vol spullen moest lopen naar een minikamer. Het meest aparte was nog wel het personeel. Waar je in Thailand vaak hoort over ladyboys (mannen (semi) omgebouwd tot vrouwen) waren dit de vrouwelijke versies. Een naam hadden we niet naar, boyladies zou de lading dekken. Op zich niks mis mee, maar de constante knipogen en het gesmoes in het Thais maakte het wat creepy. Wij vier meisjes konden op het kamertje bij elkaar slapen, maar Leo moest zijn stapelbed delen met de receptionist(e).

Gelukkig voor hem deed hij dat niet alleen. Na een bezoek aan de nightmarket hadden we ons gesplits in twee groepen; Leo en Laura gingen wat drinken en ik, Martina en Shoshi gingen shoppen. Uiteindelijk kwamen de twee drinkers niet opdagen op onze ontmoetingsplek, zelfs niet na een half uur wachten, en zijn we maar naar bed gegaan. Laura kwam niet thuis… of onze kamer zat op slot.. of ze wilde ons niet wakker maken. Jaja, volgens mij heeft ze hem gewoon beschermd tegen de Boyladies.

Het leek Martina en Shosi een leuk idee om een Thaise massage te nemen. Nog helemaal in de wolken van mijn Laose massage wilde ik wel mee. Dit was echter een speciaal project, Thaise gevangenen in hun laatste 6 maanden gevangenschap zouden ons masseren. Ik fantaseerde al helemaal over een gevangenisbezoek, maar het bleek gewoon in een salon te zijn. Een soort vorm van educatie, herintegratie en een beetje geld sparen voor die meisjes, en een lekkere massage voor ons. Wie ooit een Thaise massage heeft gehad weet wellicht dat het iets anders is dan een normale massage. Allereerst moesten we een katoenen bloes en broek aan en werden we daar doorheen gemasseerd. En dat ging zacht gezegd nogal, niet zacht. Haar duimen boorden zich in mijn kuiten, mijn armen werden naar achteren getrokken en kneep mijn huid en spieren samen. Wie weet hoe ik bij de tandarts er bijlig, zo lag ik er nu weer bij. Ik probeerde in het Duits bij Soshi te peilen of zij er ook zo over dacht, maar haar vrouwtje was ruim 40 jaar ouder dan de mijne, dus dat ging ‘sehr gut’. Vragen om zachter vond ik ook zo laf, en hielp elke keer een minuutje. Ik hoopte maar dat het zeer effectief was en dacht stilletjes aan de martelpraktijken uit de oude Thaise gevangenissen. Geen Thaise massage meer voor mij, leve de olie en ontspannende massages.

Als laatste activiteit in Chiang Mai hebben we een kookcursus gedaan. Vanaf ‘s ochtends vroeg tot diep in de middag hebben we ons bezig gehouden met de Thaise keuken. Eerst een bezoek aan de local market, waar op elke hoek een tourgroep stond, dus zo local was die nou ook weer niet. Vervolgens een meisje die ons in de tuin achter de keuken alles vertelde over kruiden, en ons deze liet proeven, voelen en ruiken. Wisten jullie al dat er in Thailand drie soorten bascilicum zijn, en geen de Italiaanse variant is die wij kennen? En dat Tumeric/Kurkuma een gele wortel is die alleen gebruikt wordt voor de kleur? (En afgeeft aan je handen en kleren?) Nee wij ook niet, maar nu wel. Vervolgens konden we uit een zesgangen menu voor elke gang een gerecht kiezen wat we gingen maken. Ik heb uiteindelijk een Massaman curry gekookt, een springrol gerold en gefrituurd, mango sticky rice gemaakt plus een soep, salade en cashewnotengerecht in elkaar gekregen. Je kon telkens kiezen tussen very sexy en super unsexy op de schaal van heet tot laf. Een vrij onlineaire, ter interpretatie van onze lerares, schaal van hoeveelheid pepers in je eten. Je kan wel stellen dat ik erg onsexy ben, en gelukkig was ik niet de enige die elke keer het met een half pepertje zonder zaadjes moest stellen 🙂 Het eten was super lekker en ik heb alles goed weten te voltooien, dus wie binnenkort bij kan eten kan uit bovenstaand menu wat bestellen (en het zelf wat sexier maken).

Na de eerste nacht zijn we trouwens overgestapt op een hostel om de hoek, veel meer ruimte, lief receptiemeisje en zelfde prijs. Leo bleef achter bij de Boyladies en Laura hebben we de 3 nachten erna ook niet gezien, het hek zat dicht na 11en… Hier heb ik ook een scooter (motor? 125cc) gehuurd om een rondje te maken langs Pai, Mae Hong Song en Mae Chaem, met een 120-180km tussen elke plaats. Ik kan wel zeggen dat dit wederom een hoogtepunt was (ook letterlijk, met het hoogste punt van Thailand op de route), met zeker veel meer spannende verhalen, dus blijft je inbox F5en, het komt eraan!

Sawasdee ka!

 

Just us and the musquitos

Just us and the musquitos

Voor iedereen die elke ochtend zijn inbox F5t heb ik goed nieuws; de langverwachtte reisblog is er! Het heeft even geduurd, door diverse oorzaken. Allereerst is er overal wifi en heb ik een lokale simkaart met internet daarop. Dit lijkt misschien bevorderlijk te werken, maar de praktijk is anders. Met zoveel toegang loop je elk internet cafe voorbij, en mis je de kans op een echt toetsenbord. En typen op een smartphone of tablet is toch niet heel aantrekkelijk. Daarnaast is het ook langzaam, vooral in een hobbelige bus, zoals nu, waar ik elk woord wel een verkeerde letter aansla, vrrgeef mr. Daarnaast heb ik ook veel contact per skype, whatsapp en facebook. Iedereen weet dus al dat we nog leven en min of meer wat we gedaan hebben. Het kost daarom ook best veel fantasie om hier iets nieuws neer te zetten. Het zijn wat situaties, schetsen en overpeinzingen uit de laatste dagen geworden.

Ik dacht dat ik vliegen leuk vond. En backpacken. Maar na een vlucht van 11 uur en een bijkomstige jetlack dacht ik daar anders over. 7 weken, was ik gek toen ik deze vlucht boekte? De hitte, het lawaai, de zware tas, iedereen thuis achterlaten, ineens leek het waanzin. Door alle stress (probeer maar eens af te studeren, een huis te zoeken en een baan te bemachtigen binnen een maand (voordeel: elke dag champagne drinken wanneer het lukt)) had ik weinig ruimte gehad om stil te staan bij de aanstaande reis. Hierdoor liet het me wat onverschillig en was er weinig buffer positieve energie om de eerste dip op te vangen. Gelukkig is er nog zoiets als slaap, doet vaak wonderen.

Over slapen gesproken, wij gingen couchsurfen. Voor de leken; dat is een soort gratis logeren bij mensen thuis in ruil voor wat culturele uitwisseling. Via de website hadden we geregeld dat we bij een Indiase familie in Bangkok konden slapen. Ze had al enkele reviews, dus we wisten zeker dat ze echt bestond en dat het veilig was. Aangekomen in een grote semi-vervallen flat, Marielle nog chagerijniger dan ik (zie vorige alinea), namen we de enige werkende lift naar boven. Op de twaalfde ,lag aan het einde van de gang een grote dubbele houten ingang. Na aanbellen werd er opengedaan door een klein Indiaas meisje van een jaar of 13. Is mrs. Ranee home? werd beantwoord met een afwijzend handgebaar en de woorden go, go waarna de deur werd dichtgedaan. Best lachwekkend als je niet bijna moet huilen, zie alinea hiervoor. Na een belletje bleek het meisje de maid te zijn en werd er flink in het Indiaas geschreeuwd. Het kind zocht vervolgens een sleutel op en wij werden gedumpt in een appartement verderop in de flatgang. Mrs. Ranee hebben we nooit gezien. So far voor culturele uitwisseling en bij iemand thuis logrren. Wel gratis.

Vanuit deze basis konden we vervolgens de stad in trekken, Bangkok, de hoofdstad van Thailand verkennen. Met ruim 30°, witte velletjes en tere voetjes was dat ook een uitdaging. In twee dagen hebben we veel gelopen en zo ook veel gezien. O.a. de golden mount, chinatown, wat tempels (pun intended, die dingen heten daar wat) en de amuletten markt. Marielle wilde graag naar een koel modern winkelcentrum dus we gingen op zoek naar een tuctuc. Nu wisten we al dat dit vaak afzettende gluiperds zijn, maar ze wisten het hier erg bont te maken. Na een afgesproken prijs van 50 baht (1.5€) besloot hij na 2min toch de onderhandeling weer te gaan openen. Hij wist een leuke extra stop voor ons, dat leverde hem een benzinestempel op en dan konden wij iets leuks zien. Lees: hij bracht ons naar een overpriced winkel en kreeg commissie voor onze aankopen. Toen we 20x weigerden werd de prijs ineens 200baht (5€) of we konden vertrekken. De volgende tuctucs flikten allemaal hetzelfde trucje en dan moet je net mij hebben, op die dag, zie tweede alinea. We gingen dus maar terug naar het appartement met de boot. Gratis, want de boot was zo vol dat de kaartjes verkoper ons niet vond. En wonder boven wonder stond er bij onze eindhalte een koud winkelcentrum op ons te wachten. Thuis ruim 12u slaap ingehaald en op dag 2 s`avonds naar Siem Reap, Cambodja gevlogen.

Daar kwamen we aan rond 10u s`avonds. Ditmaal maar op safe gespeeld en een hostel geboekt. Goedkoopste optie; tent met stapelbed voor 2,5€p.p. Het hostel was vrij leeg, een meisje van de staff en een paar andere backpackers. We hoefden daarom onze 4p. tent met niemand anders te delen, behalve de muggen dan. Het hostel had naast weinig gasten en weinig staff en geen bier. Er was de week ervoor namelijk een rockster geweest, de zanger van The View (???) die alles had afgehuurd, opgedronken en volgens de verhalen drie dagen lang wakker was gebleven. Wel een beetje asociaal dat hij dan alle bedden claimt… Toen wij erin kropen was het toch best wel hard, klein en lawaaiig. Ik heb OK geslapen, dankzij inear oortjes, maar Mariëlle deed geen oog dicht. Ook had ze de klamboe niet helemaal begrepen, die zat om het stapelbed heen ipv ingestopt het matras. Tussen de latenbodems door hadden die muggen wel trek gekegen in wat Nederlands bloed. Sochtends zaten er een paar mooie exemplaren in de klamboe. Goede start in

De allergrootste attractie in Siem Reap is Ankor Wat. Dit eeuwenoude complex van (door de historie heen) Buddistische/Hinduistische tempels is een van de wereldwonderen. Het complex ligt wat buiten de stad in de jungle en beslaat vele vierkante kilometers en meer dan 20 tempels. Op advies gingen we fietsen, het was immers maar 4km daarheen en dan 2km daarbinnen. Omdat dit advies kwam van iemand die met de taxi was gegaan hadden we best wel even mogen twijfelen aan zijn gevoel voor de afstanden. Maar dat deden we dus niet. De heenweg was heerlijk, wind, zonnetje, prima fiets en het bleek drie kwartier fietsen. Prima te doen, maar al iets verder dan verwacht. De tempels waren prachtig. Eerst Angkor Thom bekeken, toen de sunset tempel op een berg beklommen. Ideaal, want leeg wanneer het geen sunset is. Teruggefietst naar Ankor Wat, omringd door een gigantische gracht en het meest bekende complex. Binnen kon je steeds niveaus klimmen via trappen, tot er bij het hoogste gedeelte een wachter stond die de dresscode controleerde. Ik had netjes een sjaal omgeknoopt om mijn schouders te bedekken en een lange broek aan. De meneer voelde eens goed en vroeg wat ik om had. Een scarf. Hij wees op het bordje waar naast een hoed en een muts een sjaal stond. Verboden met sjaal. En zonder sjaal had ik geen mouwen dus ik mocht niet naar boven. Dat het om een sjaal als hoofdbedekking ging kreeg ik hem niet aan zijn verstand. De sjaal onder mijn tshirt vouwen mocht ook niet. Ik mocht niet naar boven. Ik heb absoluut respect voor de cultuur en bijbehorende kledij maar hier kan ik dus echt pissig om worden. Dus wij terug naar de fietsen en door naar de volgende tempel. Sjaal onder mijn tshirt gevouwen en hier mochten we wel door de inspectie. Uit protest heb ik hem daarna direct weer uitgedaan, oh wat voelde die rebellie goed. Wel goed dat we niet onze blote kont hebben laten zien uit protest. Meisjes die dat twee dagen na ons in Angkor Wat deden zijn het land uitgezet… Na de mooie Bayon tempel fietsten we en eind verder naar het verborgen Ta Prohm. Bekend uit o.a. Tomb Raider en Indiana Jones, het pareltje van de dag. Stel je een gigantische tempel voor, midden in het oerwoud, vervallen en overwoekend met woudreuzen, vogeltjes overal en de ondergaande zon die het geheel bescheen. Vanaf daar kon het alleen nog maar bergafwaards. Niet letterlijk, want het land is vlak. Wel figuurlijk. We hadden er inmiddels een kilometer of 25 opzitten op de fiets, en nog eens 10 lopend en klimmend en toen moeten we terug. Dat bleek nog eens 13km te zijn, Mariëlle was op en fietste zwijgend achter me aan. Bij de fietsverhuur kon ze niks meer uitbrengen en had ze last van alles. Toegegevenze had dikke blaren op dr voeten, rode uitslag op haar benen en niet geslapen. Na een vrij eenzijdige dinner conversation zijn we vroeg gaan slapen.

Sochtends hebben we de bus richting Phnom Pehn geboekt en zijn we in een naburig hotel gaan zwemmen. Dat mocht als we daar wat bestelden. De omelet was net zo duur als mijn kamer. De prijsverschillen zijn echt opvallend groot hier. Een tuctuc vanaf het vliegveld (4km) kost bijvoorbeeld 5$, een tuctuc een hele dag kost 15$…Er is geen touw aan vast te knopen wat nou een goede deal is.  En dan staat die dollar voor ons helaas ook erg ongunstig, dus kan je bijna 1 op 1 gaan rekenen.

Maar vergeet alinea 2. Het weer is prachtig, het eten lekker en mijn voeten passen als gegoten in mijn slippers. Ik mag dan soms lekker cynisch zijn, maar door alle ervaringen leer ik zoveel over andere mensen en mijzelf. Ik ga er 100% vanuit dat dit weer een reis wordt om nooit te vergeten.

Ik heb deze blog in de bus naar Ho Chi Mihn city geschreven. Ruim 6 uur, en ik ben nog niet bij tot vandaag. Binnenkort meer vanuit daar en en Phnom Phen. Beiden zijn plekken met een indrukwekkende recente historie, dus als vanzelf zal dat een iets serieuzere noot krijgen.Bedankt voor het lezen, groetjes van Mariëlle.

Liefs Joëlle